Verlangen naar nabijheid en toch afstand houden?

Je kunt oprecht verlangen naar een hechte relatie, naar iemand bij wie je jezelf kunt zijn en met wie je je verbonden voelt. Toch kan het gebeuren dat je afstand neemt zodra iemand emotioneel dichterbij komt. Je raakt geïrriteerd, voelt je ongemakkelijk of krijgt plotseling behoefte aan ruimte. Terwijl je diezelfde persoon op andere momenten juist mist.
Dat lijkt tegenstrijdig. Hoe kun je verlangen naar verbinding en tegelijkertijd moeite hebben om iemand dichtbij te laten komen? De behoefte aan verbinding is een fundamenteel onderdeel van ons mens-zijn. We willen ons gezien, begrepen en gewaardeerd voelen. Maar emotionele nabijheid maakt ons ook kwetsbaar. Wanneer je iemand werkelijk dichtbij laat komen, krijgt diegene immers ook de mogelijkheid om je teleur te stellen, af te wijzen of pijn te doen Hoe we met die kwetsbaarheid omgaan, verschilt van persoon tot persoon.
Wat we leren over nabijheid
De hechtingstheorie, oorspronkelijk ontwikkeld door psychiater John Bowlby, beschrijft hoe onze ervaringen in belangrijke relaties invloed kunnen hebben op de manier waarop we later nabijheid en veiligheid ervaren.
Wanneer je hebt ervaren dat anderen beschikbaar en betrouwbaar zijn, kan het gemakkelijker zijn om steun te zoeken en je kwetsbaar op te stellen. Maar wanneer nabijheid gepaard ging met onzekerheid, afwijzing of het gevoel dat je jezelf moest aanpassen, kunnen er andere verwachtingen ontstaan. Sommige mensen worden in relaties vooral gevoelig voor signalen van afwijzing. Ze zoeken bevestiging, maken zich zorgen over de gevoelens van de ander en proberen de verbinding veilig te stellen. Anderen reageren op relationele spanning juist door zelfstandiger te worden, hun gevoelens minder te delen of afstand te creëren. In de hechtingspsychologie worden deze neigingen onder andere beschreven als hechtingsangst en hechtingsvermijding. Het zijn geen vaststaande persoonlijkheidstypes, maar dimensies waarop mensen in verschillende mate kunnen scoren.
Vooral dat laatste is belangrijk. Je kunt in het dagelijks leven zelfstandig, sociaal en betrokken zijn, en toch merken dat emotionele afhankelijkheid je ongemakkelijk maakt. Misschien kun je goed praten over allerlei onderwerpen, maar wordt het lastig zodra het gaat over wat je werkelijk nodig hebt, waar je bang voor bent of wat iemand voor je betekent. Afstand nemen hoeft dan niet te betekenen dat je geen behoefte hebt aan verbinding. Het kan ook betekenen dat verbinding gevoelens oproept waarmee je niet goed weet om te gaan.
Wanneer contact ingewikkeld wordt
Onderzoek naar intimiteit laat zien dat emotionele verbondenheid niet alleen ontstaat doordat mensen tijd samen doorbrengen of persoonlijke informatie uitwisselen. Ook de manier waarop iemand op onze kwetsbaarheid reageert, speelt een belangrijke rol. We voelen ons doorgaans meer verbonden wanneer we ervaren dat de ander ons begrijpt, aandachtig luistert en betrokken reageert. Psychologen noemen dit ervaren responsiviteit. Juist daar kan een ingewikkelde wisselwerking ontstaan. Wanneer de één behoefte heeft aan meer emotioneel contact, kan de ander dat ervaren als een verwachting waaraan voldaan moet worden. Die trekt zich terug om weer ruimte te voelen. Maar voor degene die toenadering zoekt, kan die afstand juist als afwijzing voelen, waardoor de behoefte aan contact alleen maar groter wordt.
Zo kunnen twee mensen onbedoeld precies die reactie bij elkaar oproepen waar ze allebei moeite mee hebben. Interessant is dat onderzoek bij stellen laat zien dat terugtrekgedrag niet uitsluitend samenhangt met iemands persoonlijke hechtingsoriëntatie. Ook de manier waarop partners met elkaar communiceren, maakt verschil. Wanneer een partner rekening houdt met de behoefte aan autonomie en tegelijkertijd betrokkenheid laat zien, kunnen defensieve reacties afnemen.
Dat betekent niet dat de één voortdurend rekening moet houden met de gevoeligheden van de ander. Wel laat het zien dat emotionele veiligheid niet alleen iets is wat we individueel meebrengen, maar ook iets wat tussen mensen kan ontstaan.
Verbinding zonder jezelf te verliezen
Een belangrijke vraag is daarom niet alleen waarom iemand afstand neemt, maar ook wat nabijheid op dat moment voor diegene betekent. Voelt het alsof je iets van jezelf moet opgeven? Ben je bang om afhankelijk te worden, verwachtingen niet waar te maken of de controle te verliezen? Of merk je dat je moeilijk kunt aangeven wat je nodig hebt, waardoor afstand nemen eenvoudiger voelt dan jezelf uitspreken?
Niet iedere behoefte aan afstand is een teken van vermijding. Soms heb je simpelweg ruimte nodig om tot jezelf te komen. En ook nabijheid zoeken is niet altijd een uiting van onzekerheid. Het kan een gezonde behoefte aan verbinding zijn. Het wordt vooral ingewikkeld wanneer je steeds opnieuw merkt dat je gedrag niet overeenkomt met wat je eigenlijk verlangt. Wanneer je afstand creëert, maar je daardoor uiteindelijk juist eenzamer voelt.
Verandering begint dan niet noodzakelijk met jezelf dwingen om meer nabijheid toe te laten. Het kan ook betekenen dat je leert herkennen wat er in contact met een ander gebeurt, welke verwachtingen daarbij een rol spelen en hoe je je behoeften kunt uitspreken zonder automatisch terug te trekken. Want verbonden zijn met een ander hoeft niet te betekenen dat je jezelf verliest. In een relatie waarin ruimte is voor zowel nabijheid als zelfstandigheid, kunnen die twee behoeften naast elkaar bestaan.